Quade Saterdach en de Tiran van Reimerswaal

Verdronken Land

Kom Oosterschelde

 

 

 

 

 

Twee kaarten van een stukje Zeeland. De rechtse laat de huidige situatie zien, ook wel bekend als de Kom van de Oosterschelde.  De plaatsen Bergen op Zoom, Krabbendijke en  Yerseke staan aangegeven. In het oosten wordt De Kom afgesloten met de Oesterdam - een onderdeel van het Deltaplan. Op de andere kaart staat ruwweg hetzelfde gebied, maar dan zoals het er uitzag in de 16e eeuw. Ook hier staat Yerseke, evenals  Krabbendijke (Grabbendijke) en weer Bergen op Zoom. De precieze datering van de kaart heb ik niet, maar duidelijk is te zien dat de zee hier fors heeft toegeslagen. Reimerswaal - ooit de derde stad van Zeeland - ligt op een eiland en midden in het water staat Nieulande, een dorp dat geheel door de golven lijkt verzwolgen.

Het gebied kreeg deze vorm  door de St Felix stormvloed van 5 november 1530 ('Quade Saterdach') en de daarop volgende stormvloeden van 1532 en 1536. Er was niet alleen sprake van natuurgeweld, de verwoesting wordt ook deels op het conto geschreven van de 'Tiran van Reimerswaal', een corrupte dijkgraaf die voordeel hoopte te hebben van een overstroming die een haventje voor hem uit moest schuren. Er gebeurde duidelijk meer dan dat. De stad Reimerswaal hield het nog een tijdje als eiland, maar viel uiteindelijk ook ten prooi aan de zee. Daarna werd dit het 'Verdronken Land van Reimerswaal/Zuid Beveland'.

Het schijnt dat tot voor enkele tientallen jaren bij laag water de top van de kerktoren van het oude Reimerswaal nog zichtbaar was. Bij de aanleg van de Oesterdam kwam ook daaraan een eind. Ik heb m nooit gezien, maar op een zonnige woensdag in april zijn we onder begeleiding van archeoloog Hans Jongepier van de Stichting Zeeuws Cultureel Erfgoed/Zeeuwse Ankers de slikken opgegaan om de restanten te bekijken van het verdronken dorp Nieulande. 

Een fundering van een middeleeuwse woning?Een met slik bedekte funderingExcursieleider Hans Jongepier

Plattegrond NieulandeHet dorp is in de loop van de tijd door amateurs, al dan niet gewapend met metaaldetectoren in kaart gebracht. Nu mag je er alleen met een speciale vergunning in.

Het kost ondergetekende wel enige moeite - alles is met een film van grijs slik bedekt - maar dan zie je dn ook de fundamenten van waterputten, huizen, en een kerk die wel 67 meter lang moet zijn geweest. Potscherven liggen her en der evenals botten van mensen. Een van de deelnemers aan de excursie vindt zelfs een fraaie ruggewervel. Bewijs dat-ie van een middeleeuwer is hebben we niet, maar het draagt wel bij aan de sfeer. Iets verderop zijn nog de resten van een oud kasteel/versterkte woning. Ik vind het vreemd dat de fundamenten er nog liggen en de stenen van de bouwwerken niet meer. Ik ontdek later dat Reimerswaal en de omliggende dorpen destijds -  voor en tijdens de 80-jarige oorlog - dusdanig gegeseld werden door overstromingen, branden, Spaanse soldaten en de soldaten die weer trachtten ze te verjagen dat de situatie onleefbaar werd en de bewoners steeds vaker besloten te vertrekken. De restanten van de bouwmaterialen en wat er verder van waarde was werden in dat kader verkocht.

Meer inlichtingen over dit soort Zeeuwse archeologie vindt u hier.  Excursies zoals deze vinden maar incidenteel plaats. Informeer bij het Oosterscheldemuseum in Yerseke.